De helft van de dertigers in Catalonië is in het buitenland geboren

Gepubliceerd op door Rik - 3 min leestijd

Bijna de helft van alle Catalanen tussen de 30 en 40 jaar is in het buitenland geboren. Migratie blijft de belangrijkste motor achter de bevolkingsgroei in de regio.

Volgens de nieuwste cijfers van de Encuesta Continua de Población (doorlopende bevolkingstelling) van het Spaanse statistiekbureau telde Catalonië op 1 juli dit jaar 8,23 miljoen inwoners, 72.150 meer dan een jaar eerder. De groei zit vrijwel volledig in de instroom van mensen die buiten Spanje zijn geboren.

Wie er iets van merkt: vooral dertigers en veertigers. Wat er speelt: in de leeftijdsgroep van 30 tot 34 jaar is 49,9 procent inmiddels in het buitenland geboren, in de groep van 35 tot 39 jaar 48,4 procent. Waar en wanneer: het gaat om actuele cijfers over heel Catalonië, gepubliceerd begin augustus. Waarom: al jaren stroomt er structureel meer buitenlandse arbeidsmigratie de regio in dan dat er Catalaanse kinderen bijkomen.

Waarom juist de dertigers en veertigers?

Het patroon is niet gelijk verdeeld over alle leeftijden. Bij de 25- tot 29-jarigen is 44,8 procent in het buitenland geboren, bij de 40- tot 44-jarigen 42,6 procent. Aan de randen van de bevolkingspiramide ligt dat compleet anders: onder de 75-plussers komt het percentage niet boven de 10 procent uit, en bij kinderen onder de 19 blijft het onder de 20 procent. Dat laatste heeft overigens een boekhoudkundige reden: kinderen van immigranten die in Catalonië zelf zijn geboren, tellen niet mee in deze statistiek. Wie in Catalonië werkt of een bedrijf runt, ziet dit patroon terug op de werkvloer: juist de leeftijdsgroep die de arbeidsmarkt draaiende houdt, is voor bijna de helft van buitenlandse afkomst. Dat sluit aan bij wat wij eerder schreven over hoe migranten in Spanje vaak alleen tijdelijk werk vinden, ondanks dat de economie hen hard nodig heeft.

Hoe hard is de stijging sinds 2002?

De historische reeks laat een opmerkelijke sprong zien. In 2002, het eerste jaar met betrouwbare cijfers, was 11,3 procent van de dertigers in Catalonië buiten Spanje geboren. Tussen 2002 en 2008 verdubbelde dat ruim, tot 26,5 procent. Van 2009 tot 2015 bleef het percentage stabiel rond de 28 procent, maar vanaf 2016, en vooral sinds 2021, trok de groei weer flink aan. In 2025 stond de teller al op 46,6 procent, nu tikt hij tegen de 50 procent aan. Barcelona liep hierin al langer voorop: in de stad zelf is inmiddels een kwart van de bevolking van buitenlandse afkomst, met grote gemeenschappen uit Latijns-Amerika, de Europese Unie en Noord-Afrika.

Wat betekent dit voor het geboortecijfer?

De cijfers laten ook zien waar de spanning zit. In de tweede helft van 2025 was de groep van 0 tot 15 jaar de enige leeftijdscategorie die kromp, met bijna 7.800 personen minder, een daling van 1,9 procent. De groep van 16 tot 64 jaar groeide juist met 1,3 procent, de groep 65-plus met 2,3 procent. Het Catalaanse statistiekinstituut Idescat (Instituut voor Statistiek van Catalonië) noteerde voor 2024 een vruchtbaarheidscijfer van 1,08 kinderen per vrouw, het laagste sinds er in 1975 met meten werd begonnen. Zonder de aanhoudende instroom van buitenlandse inwoners, iets wat we eerder al zagen bij het nationale bevolkingsrecord van Spanje, zou de Catalaanse bevolking simpelweg krimpen.

Wat merken Nederlanders en Belgen hiervan?

Voor de vele Nederlanders en Belgen die in Catalonië wonen of er een tweede huis hebben, is dit meer dan een statistiek. Een snel groeiende, relatief jonge instroom van buitenlanders betekent meer druk op woningen, scholen en zorg in juist die regio’s waar zij zelf ook actief zijn. Diezelfde druk zien we terug in de bredere Spaanse aanhoudende vergrijzing en de recente voorzichtige stijging van het aantal geboortes: twee tegengestelde trends die elkaar in Catalonië precies in evenwicht lijken te houden.

(Bron: SpanjeVandaag 13/08/2026)